Verlaagd tarief vennootschapsbelasting in 2026: de vier voorwaarden uitgelegd

Het verlaagd tarief vennootschapsbelasting bedraagt 20% op de eerste €100.000 winst, in plaats van het standaardtarief van 25%. Dat is een besparing van tot €5.000 per jaar. Maar je kunt er alleen van genieten als je vennootschap aan vier cumulatieve voorwaarden voldoet — en de bekendste is de minimumbezoldiging, die voor aanslagjaar 2026 vastgesteld is op €50.000.

Veel informatie die online circuleert verwijst nog naar €45.000 (het bedrag voor aanslagjaar 2025). Die drempel is verhoogd. Hieronder lees je wat er nu van toepassing is.

Wat is het verlaagd tarief vennootschapsbelasting?

Het verlaagd tarief is een fiscaal voordeel voor kleine vennootschappen. In plaats van 25% betalen ze 20% vennootschapsbelasting op de eerste schijf van €100.000 belastbare winst. Op winsten boven die €100.000 geldt het standaardtarief van 25%.

Het maximale voordeel bij het verlaagd tarief: (25% – 20%) × €100.000 = €5.000 minder belastingen per jaar.

De vier voorwaarden voor aanslagjaar 2026

Alle vier de voorwaarden moeten tegelijk vervuld zijn. Voldoe je aan slechts drie van de vier, dan verlies je het volledige voordeel.

Voorwaarde 1: Kleine vennootschap

Je vennootschap moet kwalificeren als kleine vennootschap conform artikel 1:24 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV). Dat betekent dat ze niet meer dan één van de drie drempelwaarden overschrijdt:

CriteriumDrempelwaarde
Jaaromzet (excl. btw)€11.250.000
Balanstotaal€6.000.000
Gemiddeld personeelsbestand50 VTE

Voorwaarde 2: Minimumbezoldiging van €50.000 aan één bedrijfsleider

Je vennootschap moet minstens €50.000 bruto bezoldiging toekennen aan minstens één bedrijfsleider die een natuurlijke persoon is. Die bezoldiging moet toegekend worden in het belastbaar tijdperk zelf.

Dit is de voorwaarde die het meest wijzigt van jaar tot jaar en waar de meeste fouten op gemaakt worden.

Voorwaarde 3: Geen financiële holding of beleggingsvennootschap

Vennootschappen waarvan de inkomsten hoofdzakelijk bestaan uit dividenden, meerwaarden op aandelen of andere beleggingsopbrengsten — en die kwalificeren als financiële holding of beleggingsvennootschap — zijn uitgesloten van het verlaagd tarief.

Voorwaarde 4: Aandelen voor minstens 50% in handen van natuurlijke personen

Minimaal 50% van de aandelen moet rechtstreeks in handen zijn van één of meer natuurlijke personen. Aandelen in handen van andere vennootschappen tellen niet mee voor die 50%.

Minimumbezoldiging: wat telt mee voor de drempel van €50.000?

Niet alles wat een bedrijfsleider ontvangt, telt mee voor de minimumbezoldiging. De wetgeving is precies over wat wel en niet in aanmerking komt.

Telt wél mee:

  • Nettoloon (bruto cash bezoldiging)
  • Voordelen van alle aard (VAA), zoals bedrijfswagen, gratis woning, laptop of smartphone
  • Bijdragen voor vrij aanvullend pensioen voor zelfstandigen (VAPZ)
  • Door de vennootschap betaalde sociale bijdragen van de bedrijfsleider
  • Tantièmes (bestuursvergoedingen ten laste van de vennootschap)

Telt niet mee:

  • Individuele pensioentoezeggingen (IPT)
  • Fiscaal vrijgestelde vergoedingen (maaltijdcheques, fietsvergoeding, hospitalisatieverzekering)
  • Dividenden, ook al zijn die als alternatief voor bezoldiging bedoeld
  • Terugbetaling van kosten eigen aan de werkgever
  • Auteursrechten

Voorbeeld: bedrijfsleider Jan ontvangt €36.000 nettoloon, €6.000 VAA voor zijn bedrijfswagen, €4.000 VAPZ-bijdrage betaald door de vennootschap, en €4.000 sociale bijdragen betaald door de vennootschap. Zijn bezoldiging voor de drempel: €36.000 + €6.000 + €4.000 + €4.000 = €50.000. Jan haalt exact de drempel.

De Arizona-hervorming 2026: VAA-aandeel in de bezoldiging

Eén relevant element uit het Arizona-regeerakkoord dat in 2026 in werking trad: voordelen van alle aard zijn voortaan beperkt tot maximaal 20% van de totale bezoldiging voor de berekening van het drempelcriterium. Raadpleeg je boekhouder voor de definitieve toepassing van deze maatregel, aangezien de exacte uitvoeringsmodaliteiten kunnen variëren.

Concreet: als je totale bezoldiging (voor de drempelberekening) €50.000 bedraagt, mogen de VAA’s daarin maximaal €10.000 uitmaken. Als je VAA’s €15.000 bedragen maar je cash loon slechts €30.000, dan telt de totale bezoldiging voor de drempel als €30.000 + €10.000 (beperkt) = €40.000 — en voldoe je niet aan de minimumbezoldiging.

Dit heeft in de praktijk impact op bedrijfsleiders die relatief weinig cash loon nemen maar een dure bedrijfswagen hebben.

Evolutie van de minimumbezoldiging: van €43.000 naar €50.000

AanslagjaarMinimumbezoldiging
AJ 2023€45.000
AJ 2024€43.000 (tijdelijk verlaagd)
AJ 2025€45.000
AJ 2026€50.000
AJ 2027 en laterJaarlijks geïndexeerd

Voor boekjaren die afsluiten in 2025 (= aanslagjaar 2026) bedraagt de minimumbezoldiging dus €50.000. Dat is een stijging van €5.000 ten opzichte van aanslagjaar 2025. Vanaf aanslagjaar 2027 wordt het bedrag automatisch jaarlijks geïndexeerd aan de hand van de gezondheidsindex.

Startvrijstelling: de eerste vier boekjaren

Past je vennootschap op en stelde je activiteiten? Dan gelden soepelere regels. Voor de eerste vier belastbare tijdperken na oprichting mag de bezoldiging lager zijn dan €50.000. Voldoe je aan de andere drie voorwaarden, dan geniet je toch van het verlaagd tarief.

De startvrijstelling telt per vennootschap, niet per zaakvoerder. Maak je een splitsing of fusie? Dan herstart de teller niet automatisch.

Wat als je de minimumbezoldiging niet haalt?

Voldoet je vennootschap niet aan de voorwaarde van €50.000 minimumbezoldiging, dan verlies je het verlaagd tarief volledig. Dat betekent:

  • De eerste €100.000 winst wordt belast aan 25% in plaats van 20%
  • Het verschil: +€5.000 aan vennootschapsbelasting

Het loont dus de moeite om op tijd na te gaan of je bezoldiging hoog genoeg is, zeker tegen het einde van het boekjaar.

Wat met de bezoldiging aan meerdere bedrijfsleiders?

De minimumbezoldiging moet aan minstens één bedrijfsleider worden toegekend, niet aan alle bedrijfsleiders samen. Als je vennootschap twee bedrijfsleiders heeft van wie er één €60.000 en de andere €20.000 ontvangt, voldoe je aan de voorwaarde. Het totaalbedrag van de bezoldigingen telt niet.

Veelgestelde vragen over het verlaagd tarief en de minimumbezoldiging

Wat is het verlaagd tarief vennootschapsbelasting in 2026?

Het verlaagd tarief is 20% op de eerste €100.000 belastbare winst, tegenover het standaardtarief van 25%. Om dit tarief te mogen toepassen, moet je kleine vennootschap een minimumbezoldiging van €50.000 toekennen aan minstens één bedrijfsleider, geen financiële holding zijn, en voor minstens 50% in handen zijn van natuurlijke personen.

Hoeveel bedraagt de minimumbezoldiging voor het verlaagd tarief in aanslagjaar 2026?

De minimumbezoldiging bedraagt €50.000 bruto voor aanslagjaar 2026. Dat is een verhoging tegenover aanslagjaar 2025, toen de drempel op €45.000 lag. Meerdere beloningscomponenten tellen mee: cash loon, voordelen van alle aard, VAPZ-bijdragen en sociale bijdragen betaald door de vennootschap.

Telt mijn bedrijfswagen mee voor de minimumbezoldiging?

Ja, het voordeel van alle aard (VAA) van een bedrijfswagen telt mee. Maar het VAA-aandeel is beperkt tot maximaal 20% van de totale bezoldiging die in aanmerking komt voor de drempel. Neem je hoofdzakelijk vergoedingen in natura in plaats van cash loon, dan kan het zijn dat je de drempel toch niet haalt. Raadpleeg je boekhouder voor de definitieve berekening.

Wat als ik me pas in het laatste kwartaal van het boekjaar realiseer dat ik tekortkom?

Je kan de bezoldiging nog verhogen voor het einde van het boekjaar, op voorwaarde dat dit formeel wordt beslist (via een vergoedingsbeslissing van het bestuursorgaan) en ook daadwerkelijk uitbetaald of ten laste genomen wordt. Bespreek dit tijdig met je boekhouder.

Dit artikel is informatief en niet bedoeld als persoonlijk fiscaal advies. Raadpleeg een erkende boekhouder of belastingadviseur voor advies op maat van jouw situatie.

Auteur: Alain Carels, boekhouder en fiscaal adviseur bij Carbofisc, Oostkamp. Gepubliceerd: augustus 2026.

Wil je weten of jouw vennootschap in aanmerking komt voor het verlaagd tarief in 2026? Neem contact op met Carbofisc voor een controle op maat.